Zonnepanelen zijn platen waarop twee dunne lagen van lichtgevoelig materiaal zijn aangebracht. Dat materiaal is bijna altijd silicium. Silicium kom je bijna overal tegen, bijvoorbeeld als je over het strand loopt, of op de Veluwe woont. Het komt namelijk vooral voor in zand en stof. Meer dan 90% van de aardkorst bestaat uit silicium.

Silicium heeft foto-voltaïsche (PhotoVoltaic, vaak afgekort tot PV) eigenschappen. Dat wil zeggen dat er spanning ontstaat wanneer er licht op valt. Het spanningsverschil tussen twee lagen silicium levert vervolgens elektriciteit op.

Als je de opgewekte elektriciteit weet te geleiden naar je apparaten, dan heb je dus energie van de zon weten te benutten. Voordat je deze elektriciteit kan gebruiken, moet het nog eerst wel omgezet worden van gelijkstroom naar wisselstroom. Dit is wat de omvormer doet!